Ingezonden: Misverstand 3 (6 juni 2025)
“Kernafval blijft 200.000 jaar levensgevaarlijk”.
Deze misleiding klinkt als “gij zult uw nageslacht niet belasten”. Hiermee zetten tegenstanders van kernenergie de voorstanders discriminerend weg als immorele personen.
Kernafval bestaat uit drie delen. Het eerste zijn de splijtingsproducten die ontstaan uit de brandstof uranium, ongeveer 5%. Het tweede deel is het onbruikbaar U-238 dat onveranderd in het kernafval terechtkomt, ongeveer 94%. De resterende één procent is plutonium dat in de reactor gevormd is. Dit plutonium is onbruikbaar voor kernwapens omdat het verkeerde isotopen bevat.
Van het eerste deel, de splijtingsproducten, is radioactief jodium met zijn halfwaardetijd van acht dagen, de meest bekende. Na honderd jaar hebben 90% van de splijtingsproducten hun radioactiviteit uit zichzelf verloren, en na nog zo’n tijd helemaal.
Het tweede deel, het onveranderd U-238, is hetzelfde uranium dat overal op aarde, ook in uw en mijn tuin, in de bodem zit. Het is een zwakke alfa-straler. Alfastraling komt niet eens door een papiertje. Het resterend derde deel is plutonium, en dat is ook een zwakke alfa-straler.
Kernafval is dus na ongeveer drie honderd jaar uitgewerkt en dan kun je het zonder gevaar oppakken. Toch is het verstandig kernafval na 300 jaar buiten het milieu te houden omdat alfastraling schadelijk is als je zoiets opeet.
Waar komt de 200.000 jaar vandaan? Dan wordt gekozen voor de 1% plutonium in het kernafval. Plutonium heeft een halfwaardetijd van 20.000 jaar, en de algemeen aanvaarde afspraak is dat straling na tien keer de halfwaardetijd is verdwenen. Bij plutonium is dat dus na 200.000 jaar.
Veel beter is kernafval te vernietigen in een gesmolten zout reactor. Voor dat type kernreactor zijn U-238 en plutonium namelijk gewoon brandstof. Het kernafval levert daarbij zelfs vijftig keer meer stroom dan de oorspronkelijke reactor heeft opgeleverd.
Haaren Gerard Smals.




































